Geschreven op .

OMGAAN MET NEGATIVITEIT

Elkaar uitschelden en beledigen als je het niet eens bent met een ander, lijkt steeds gangbaarder te worden. Zowel in het openbaar als op social media. Niet fijn. Maar wat doe je er aan c.q. wat kan je er tegen doen? Dit is niet zo gemakkelijk te beantwoorden, maar wij doen een poging en nemen je graag mee aan de hand van twee voorbeelden.

Laatst raakte een van ons met een vrouw aan de praat over Sprankel & Co en onze missie om meer positiviteit in organisaties te brengen. Zij vertelde toen dat ze recent op haar werk heel vervelend was behandeld door collega’s. Ze beheert een interne social media app en had geprobeerd om haar collega’s met een grapje te vragen om zich wat socialer te gedragen. En toen barstte de bom. Ze werd door een aantal collega’s voor rotte vis en erger uitgemaakt. Het voelde als gepest worden, vertelde ze. Op de vraag hoe ze nou was omgegaan met al die negativiteit, vertelde ze dat ze daar nog niet uit was. Een week later mailde zij dat ze een leidinggevende had gevraagd zich uit te spreken over het desbetreffende online gedrag van de collega’s. Dat heeft hij gedaan en dit had geholpen. Het was daarna opgehouden. Mooi natuurlijk! En dat is dan weer een stukje van de oplossing: Bij negatief gedrag vraag je iemand om hulp die meer invloed in de organisatie heeft dan jij. En dat werkt als deze ook als machthebbend wordt beschouwd.  

Heel fijn dus als een hiërarchisch hoger geplaatste jou helpt. Maar wat doe je als je even geen toegang hebt tot een dergelijke behulpzame chef? Sterker nog wat doe je, als diegene die jou schoffeert in een machtspositie zit? Je kunt natuurlijk proberen om hem met argumenten onderuit te halen, maar dat werkt meestal niet omdat de ander dan vaak zelf met argumenten komt om zelf gelijk te krijgen.

In ons brein werkt het als volgt dat we vooral bevestiging zoeken van ons gelijk als we eenmaal positie in hebben genomen (cognitieve dissonantie theorie). Dus hoeveel rationele argumenten je ook aanlevert om het ongelijk van, neem een Trump, te bewijzen, en te zeggen dat hij grof en dom is, de kans dat hij hier daadwerkelijk iets mee doet en dat hij zijn houding verandert is bijzonder klein. In dit geval ook omdat het hem helemaal niet gaat om ‘de’ waarheid of de feiten, maar om het winnen van stemmen in dit geval. En dat lukt hem nog steeds. Dus: wie is er eigenlijk dom?

Hoe ga je er dan mee om als iemand (en niet zo maar iemand) je zo schoffeert in het openbaar, zoals Trump eerder deed met vier vrouwelijke congresleden? En waar en op wie ga jij je richten?

Een slachtofferhouding helpt je hier niet bij. Een aanklagershouding en vertellen dat Trump fout zit en eisen dat hij zijn houding verandert, werkt eveneens averechts. Je laat je namelijk meetrekken in zijn spel, het spel van de ander. Veel effectiever is om je bij je eigen ‘spel’ te houden te onderzoeken: wat wil ik wel dat er gebeurt? Eén van de gulden debat-regels is hier interessant: richt je niet op iemand die tegengesteld is aan jouw gedachtegoed, die krijg je toch niet mee. Biedt een positief alternatief, gebaseerd op jouw waarden en richt je daarmee op mensen die niet zo vast staan in hun standpunten. Praktisch vertaald: Vertel waar jij voor staat. Welke waarden streef je na en hoe denk je deze te realiseren, en welk gedrag vind je daarbij passen? Daarmee laat je een eigen geluid horen. Distantieer je van aanvallers en schreeuwers, niet door stil te blijven, maar door de kans te grijpen om je te onderscheiden door jouw waarden te laten horen als een positief tegengeluid. Dat voelt altijd beter en sterker én daarmee win je medestanders.